Volvo 240 als voorbeeld voor autoveiligheid

2

Volvo-240-als-voorbeeld-voor-autoveiligheid-1

Eind 1974 introduceerde Volvo de 240 en 260-serie, de opvolger van de 140 en 160-serie. Het model was gebaseerd op de Volvo Experimental Safety Car, waarmee de Zweedse autofabrikant experimenteerde met autoveiligheid. Ik heb een stuk gereden met een 244 L uit 1978.

Eerst even een uitleg over de verschillende typenummers. De 242 is een viercilinder tweedeurs coupé, de 244 is daar de vierdeurs-variant van en het getal 245 staat voor de stationwagon. Modellen met een zescilinder in het vooronder heten 262, 264 en 265. Daarnaast is er nog de 262C, een door Bertone ontworpen coupé op basis van de 264. Vanaf 1983 werden alle modellen 240 of 260 genoemd.

Vanaf 1983 werden alle modellen 240 of 260 genoemd

Diesels van Volkswagen

De 240- en 260-serie is achterwielaangedreven en heeft onder de kap een in lengte geplaatste Volvo Redblock, een doorontwikkeling van de viercilinder B16A-lijnmotor, bekend uit de Amazon. De 2.7 V6-benzinemotor (B27E PRV) is samen met Renault en Peugeot ontwikkeld. De zescilinder-dieselmotoren kwamen van de bedrijfswagentak van Volkswagen. Mijn testauto heeft de B19A carburateurmotor met 1.985 cc en 90 pk. Dit is een gietijzeren blok met een op 5 punten gelagerde krukas en een door een getande riem aangedreven bovenliggende nokkenas. Daarnaast was er onder andere de B23E motor met injectie en 140 pk. Er was keuze uit een handgeschakelde of een automatische versnellingsbak. Ten opzichte van de Volvo 140/160 werd gekozen voor een McPherson veersysteem aan de voorkant, voor de achterwielophanging werd de oude starre as met bladveren gebruikt.

Volvo-240-als-voorbeeld-voor-autoveiligheid-3

Roestproblemen

Veel 240’s uit de eerste bouwjaren hadden ernstige roestproblemen. In 1977 werden in de Volvo-fabriek nieuwe kwaliteitscontroles ingevoerd omdat de anticorrosie- en verfbehandelingen niet geleid hadden tot een betere bescherming tegen roest. In datzelfde jaar won Volvo de hoogste Britse onderscheiding voor de veiligheid van auto’s en werd de 240 in Amerika gekozen als maatstaf om nieuwe veiligheidsnormen en richtlijnen te ontwikkelen voor de Amerikaanse auto-industrie. Het 1981-model van de 240 had smallere bumpers, nieuwe koplampen en aangepaste achterlichten aangepast. Ook werd er een nieuwe dashboard gemonteerd en kregen de motoren een update. Een overdrive werd standaard op de meeste modellen met handgeschakelde versnellingsbak. In 1983 kregen alle modellen de benaming 240.

In 1977 won de Volvo 240 de hoogste Britse onderscheiding voor veiligheid

Dikke laag tectyl niet altijd positief

Het huidige aanbod Volvo’s 242, 244 en 245 tot de naamswijziging in 1983 is niet heel groot en de prijzen lopen uiteen van een paar honderd euro voor een versleten exemplaar tot zesduizend euro voor een zo goed als nieuwe. Waar moet je op letten bij de aanschaf? Kijk in ieder geval kritisch naar roestsporen op de gebruikelijke plekken als deuren, dorpels, wielkasten en dragende delen van de wielophanging. Een dikke laag tectyl hoeft niet altijd positief uit te pakken, vaak is dit erop gespoten om de roest aan het oog te onttrekken. Natte schokdempers duiden op ernstige slijtage. Test ook of er speling zit op de portieren en of de ramen goed openen en sluiten.

Volvo-240-als-voorbeeld-voor-autoveiligheid-2

Let op olielekkage

De motor mag wat vettig mag zijn, maar let goed op lekkages bij de diverse afdichtingen. Door de auto met stilstaande motor in de eerste versnelling voor- en achteruit te duwen kun je een eventuele speling aan de overbrenging vaststellen. Zwarte strepen aan de binnenkant van de motorkap zijn een teken van slecht onderhoud en de slangen moeten soepel genoeg en niet hard zijn. Een compressietest geeft veel informatie over de toestand van de zuigers en de kleppen. Is de binnenkant van de uitlaat grijs, dan is de motor waarschijnlijk in een goede staat. Maar is de binnenkant zwart, dan is er meestal sprake van te veel olieverbruik.

Zwarte strepen aan de binnenkant van de motorkap zijn een teken van slecht onderhoud

Fijne metgezel in dagelijkse omgang

Dat de 244 aanvoelt als een tank heb ik tijdens de korte proefrit ook ondervonden. De deuren sluiten als een kluis en je voelt je, ondanks het gebrek aan moderne veiligheidsfeatures als airbags, erg veilig in de auto. Aan het (geluids)comfort van een moderne personenwagen kan de 35-jarige Volvo natuurlijk niet tippen, maar in de dagelijkse omgang is het een fijne metgezel. De stoelen zijn comfortabel, het overzicht is dankzij de grote ruiten ongeëvenaard en het interieur is erg ruim. Vanuit alle hoeken en gaten laten zich kraakgeluiden horen en op verkeersdrempels heeft de starre achteras het moeilijk, maar op een vlakke weg spoort de 1.330 kilo zware 244 prima. Het grote stuurwiel laat zich ook zonder stuurbekrachtiging makkelijk hanteren en de versnellingspook klikt zonder moeite door de vier verzetten. Na de koude start en het hanteren van de choke loopt de tweeliter viercilinder mooi rond en trekt fier door.

Volvo-240-als-voorbeeld-voor-autoveiligheid-4

Nette Zwitser met gebruikssporen

De in het Belgische Gent gebouwde roodbruine testauto staat voor 1.750 euro te koop bij Autobedrijf Jan de Krijger in Zwijndrecht. In 2006 is de auto ingevoerd vanuit Zwitserland, waar hij in 1978 door de eerste eigenaar is gekocht. Op de teller staat 120.000 kilometer en gezien de rijervaring is daar weinig aan gelogen. Voor zijn leeftijd staat de Zweed er nog appetijtelijk bij. De lak is niet verweerd, maar we zien her en der wel wat kleine deukjes en de stoelbekleding is gescheurd. Het roestspook heeft nog niet grootschalig huisgehouden en enkele jaren terug heeft de auto een Dinitrol-behandeling ondergaan. Een stapel rekeningen en het instructieboekje liggen in het dashboardkastje.

Kijk voor meer foto’s van de Volvo 244 op onze Facebook-pagina.

 

Deel.

Over de schrijver

Arno (1984) schrijft sinds december 2010 voor Automotormedia en heeft zich opgewerkt tot adjunct hoofdredacteur auto's van Driving-Dutchman.com en Testauto.nl. Arno ondersteunt de andere medewerkers bij hun werk en schrijft de meeste nieuwsartikelen. Arno volgt het autonieuws op de voet, maar ook de youngtimer- en aftersales-branche en management gerelateerde zaken in de autowereld spreken hem aan. Helaas bezit Arno op dit moment geen auto.

2 reacties

  1. ‘… voor de achterwielophanging werd de oude starre as met bladveren gebruikt.’
    Starre achteras: ja. Overgenomen van 140: ook. Maar er zitten toch echt spiraalveren onder.
    Mochten jullie nog eens in een technisch ijverige bui zijn: Ik zou graag meer weten over de overdrive. En dan vooral over hoe die koppelt, want dat gebeurt zonder koppelingspedaal.

  2. Karel, een overdrive bestaat uit een simpel planetair tandwielstelsel dat achter tegen de versnellingsbak wordt gemonteerd. Net als een traditionele automatische versnellingsbak word de overdrive ingeschakeld door ringtandwiel, zonnetandwiel, of planeettandwielen te blokkeren dmv een remband, remschoen of platenkoppeling.

    Voorbeeld van de klassieke Borg & Warner:
    http://www.uniquecarsandparts.com.au/images/how_it_works/Overdrive/Borg_Warner_Overdrive.jpg

Laat een reactie na:

11 + acht =